Als je veel voelt, krijg je ook veel binnen

Gepubliceerd op 29 mei 2026 om 20:41

Er zijn mensen die een kamer binnenlopen en denken: gezellig hier. En er zijn mensen die een kamer binnenlopen en binnen drie seconden weten dat de twee bij het raam net ruzie hebben gehad, dat de gastvrouw moe is, en dat iemand zich niet op zijn gemak voelt, hoe vrolijk die ook doet.

Hoor je bij die tweede groep, dan hoef ik je waarschijnlijk niet uit te leggen wat hooggevoeligheid is.                                     Je leeft het.

Voelen is het probleem niet

De laatste tijd is er wat meer aandacht voor hooggevoeligheid, en voor het feit dat hooggevoelige mensen vaker het gevoel hebben overspoeld te raken. Dat ze meer moeite hebben om hun emoties vast te houden op een drukke dag die nog lang nagalmt.Hooggevoeligheid is trouwens geen modewoord. Het is een eigenschap die al jaren wordt onderzocht en bij ongeveer een op de vijf mensen voorkomt. Je neemt prikkels sterker waar en verwerkt ze grondiger dan gemiddeld.

En dat klopt. Maar ik denk dat het niet zit in dat je te veel voelt. Voelen is geen ontwerpfout. Het zit in iets anders: dat je het allemaal binnenkrijgt en bijna niks kwijt kunt.

De stemming van iemand anders.

Een korte reactie.

Een blik.

De dag van iemand om wie je geeft.

En je eigen drukke dag.

Het stapelt. En een vol hoofd raakt op een gegeven moment gewoon overvol.

Nog harder nadenken werkt niet

Wat we dan vaak doen, is nadenken. Nog een rondje. We proberen het op te lossen door er nog langer naar te kijken, alsof de derde keer een ander antwoord oplevert dan de eerste twee.

Spoiler: dat doet het zelden.

Piekeren voelt als werken aan een oplossing, maar het is meestal hetzelfde laatje dat je voor de tiende keer opentrekt. Dezelfde inhoud, dezelfde zorg, dezelfde toon. Je wordt er alleen maar beter in.Wat wel iets verschuift, is het ergens neerleggen. Niet om het meteen op te lossen. Niet om het mooier te maken. Maar om het buiten je hoofd te krijgen, op papier, waar het niet langer jij bent maar iets dat je kunt bekijken.

Wat is eigenlijk van jou?

En dan komt het stukje dat voor hooggevoelige mensen het belangrijkst is.
Als je veel binnenkrijgt, draag je ook veel mee dat helemaal niet van jou is. De spanning van iemand anders. Het humeur in huis. Een opmerking die misschien niet eens over jou ging, maar die je voor de zekerheid maar even op jezelf hebt betrokken.


Op papier wordt dat zichtbaar. Je schrijft op wat er rondzingt, en ergens halverwege merk je: o, deze zorg is van mij. Maar die onrust? Die heb ik gewoon overgenomen. Die hoorde bij de kamer, niet bij mij.


Dat onderscheid maken, wat van jou is en wat niet, is misschien wel het rustigste wat je voor jezelf kunt doen. Niet omdat de gevoelens dan verdwijnen, maar omdat je niet langer alles in je eentje hoeft te dragen wat toevallig langskwam.


Begin klein

Je hoeft er geen avond voor vrij te maken. Een paar regels is genoeg. Een vraag aan jezelf, een leeg vel, vijf minuten.

Bijvoorbeeld:

• Wat zit er nu in mijn hoofd, zonder dat ik het mooi opschrijf?
• Welk gevoel is hiervan echt van mij?
• En wat heb ik vandaag meegedragen dat ik ergens kan neerleggen?

Schrijven helpt je even uitstappen, en daarna zien wat er stond toen je uitstapte.

Voel je veel, dan is dat geen last die je moet leren wegduwen. Het vraagt alleen om een plek om het kwijt te kunnen. Een vel papier is een rustig begin.

Liefs Natasja 🤎

Uit je hoofd op papier

Dit sluit aan op het thema “Wat van jou is en wat niet” uit “ Journal van Uit je hoofd op papier”. Daarin staan korte teksten en vragen die je helpen om gedachten te ordenen en te zien wat er echt speelt.

Reactie plaatsen

Reacties

Anita Westerman
een maand geleden

Mooi geschreven! 🤍